U bevindt zich hier:

Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 door Eerste Kamer aangenomen

18 juli 2014

De Eerste Kamer heeft op dinsdag 8 juli 2014, na een debat met staatssecretaris Van Rijn (VWS) en minister Plasterk (BZK), de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo) aangenomen. 37 senatoren stemden voor, 36 senatoren stemden tegen.

Tegen de wet stemden CDA, PVV, SP, GroenLinks, 50Plus, de Partij voor de Dieren (PvdD) en de Onafhankelijke Senaatsfractie (OSF). Voor stemden PvdA, VVD, D66 en de ChristenUnie. De moties van de SP om de uitvoering van de wet en de bezuiniging van ruim 700 miljoen euro uit te stellen werden verworpen.

De wet maakt gemeenten verantwoordelijk voor het ondersteunen van de zelfredzaamheid en participatie van mensen met een beperking, chronische psychische of psychosociale problemen. De ondersteuning moet erop gericht zijn dat mensen zo lang mogelijk in de eigen leefomgeving kunnen blijven. Voor mensen met psychische of psychosociale problemen of voor mensen die, al dan niet in verband met risico's voor hun veiligheid als gevolg van huiselijk geweld, de thuissituatie hebben verlaten, voorzien gemeenten in de behoefte aan beschermd wonen en opvang.

Door diverse woordvoerders werden zorgen geuit over de snelheid en omvang van de transitie en de (beperkte) financiële middelen voor gemeenten.

Staatssecretaris Van Rijn stelde dat het onvermijdelijk is dat wonen, welzijn en ondersteuning opnieuw wordt vormgegeven. Volgens Van Rijn kunnen dit soort veranderingen niet worden gerealiseerd zonder samenwerking. Door beter aan te sluiten op de vraag naar ondersteuning wordt er volgens de staatssecretaris automatisch bezuinigd. Vaak kunnen mensen na een beginperiode van intensieve zorg door verpleegkundigen worden geleerd hoe zij zichzelf kunnen verzorgen.

De staatssecretaris verwacht niet dat er mensen tussen wal en schip vallen. Als er geen zelfredzaamheid mogelijk is, is de gemeente aan zet. Iemand die vraagt om ondersteuning bij de gemeente krijgt binnen zes weken reactie. Als er geen zorgvuldige behandeling plaatsvindt, staan bezwaar en beroep open. De gemeente mag volgens Van Rijn nooit ondersteuning weigeren omdat er te weinig financiële middelen voor zijn. Continuïteit van zorg en ondersteuning moeten gewaarborgd zijn.

Gemeenten mogen volgens de staatssecretaris niet naar inkomen of vermogen kijken bij de afweging of iemand zijn zorg zelf kan regelen. Wel mag de gemeente een eigen bijdrage vragen, die op kan lopen tot de totale kosten van de geleverde zorg.

Bron: eerstekamer.nl

 

Terug